Geschiedenis:
Wol
Al heel lang een gewild materiaal
Wol is een natuurlijke, eco-efficiënte grondstof en beschrijft de zachte haren van de ondervacht (niet het dekhaar) van
in het bijzonder schapen. Ook wol van andere dieren wordt voor de vervaardiging van textiele producten gebruikt, bijv.
van Kasjmirgeiten (kasjmierwol), van Angorageiten (mohair), van Angorakonijnen (Angora), van kameelsoorten (alpacawol en
kameelhaar) en van Muskusossen (Qiviut) of van Yaks (Yalwol). Schapen zijn te vinden in Europa en Azië sinds ca. 2,5
miljoen jaren. Voor de ijstijd hadden ze echter nog de afmetingen van een os. Rond ca. 9.0000 v. Chr. werden voor het
eerst in Zuid-Oost-Azië schapen gedomesticeerd, het was het eerste huisdier dat mensen voedsel en kleding leverde. Sinds
ongeveer 10.000 jaar wordt wol voor kleding gebruikt en geldt als de oudste grondstof voor textiel überhaupt. Ook
vandaag nog speelt wol ondanks nieuwe kunstvezels en de wereldwijde katoenproductie een grote rol in de internationale
economie op dit gebied. Tegenwoordig worden bijna overal schapen gehouden, ook in Duitsland.
Wol als importmateriaal
Desondanks wordt wol voor textiel meestal geïmporteerd, vooral uit Australië, Nieuw-Zeeland, Zuid-Amerika en Zuid-Afrika.
Voor de uitvinding van de schaar in de ijstijd, werd de wol van de dieren geplukt, daarna werd het scheren mogelijk. Het
schaap kan één tot twee keer per jaar geschoren worden, waarbij vandaag de dag een elektrisch scheerapparaat gebruikt
wordt, zodat de dieren geen verwondingen oplopen. De wol komt als een samenhangend weefsel van de huid.
Kwaliteitsverschillen bij wol
De wol heeft afhankelijk van het lichaamsdeel een andere kwaliteit en karakter. De kostbaarste wol komt van de schouders,
maar ook aan de hals en aan de zijden is het materiaal hoogwaardig. Er bestaan verschillende kwaliteiten wol, die terug
te voeren zijn op speciale schapenrassen. De beste wol komt van het Merinoschaap. Na het scheren wordt de wol grondig
gewassen, van vuilresten ontdaan, gedroogd en aansluitend tot draden gesponnen. Vaak wordt wol, afhankelijk van
toepassing en vraag naar speciale eigenschappen, nog met andere materialen als katoen, polyester of polyamide gemengd.
Eigenschappen:
Wol met een groot aantal prettige en unieke eigenschappen
De eigenschappen van wol zijn vooral terug te voeren op de speciale opbouw van de wolvezel, die o.a. uit een omhulsel van
cuticula en een vezelstam van cortex bestaat. Door het wisselspel tussen de verschillende delen van de wolvezel,
ontstaat het speciale vochtigheidsmanagement van de wol. Het omhulsel is hydrofoob en stoot vochtigheid af, maar laat
wel waterdamp in de vezelstam doordringen. Zo kan de wolvezel ca. 35% van haar eigen gewicht aan water opnemen, zonder
nat aan te voelen. Verder kan het vochtigheid veel sneller afleiden als bijv. de veel gebruikte katoenvezel. Daarbij
vervoegt de wolvezel over een mechanische manier van zelfreiniging, omdat de in de vezelstam aanwezige, in elkaar
vermengde vezelsoorten verschillend van elkaar reageren op vochtigheidsopname -of afgifte. De wolvezels bewegen zich
daardoor verschillend, waardoor vuil wordt afgestoten. Ook kan het vuil niet doordringen tot het binnenste van de vezel,
wat tot gevolg heeft, dat textiel uit wol niet snel vuil wordt.
Natuurlijk karakter bewijst zichzelf
In tegenstelling tot kunstvezels neemt wol zo goed als geen geuren op en mocht dit eens het geval zijn, dan is dit euvel
te verhelpen door de producten van wol korte tijd in de frisse lucht te hangen. Wolvezels bestaan voor bijna 85% uit
lucht en zijn dus goede isolatoren. Zo blijft de lichaamswarmte onder de stof behouden en gaat nauwelijks verloren. De
vezels van wol zijn erg elastisch en kreukelen daarom nauwelijks, zodat textiele producten van wol bijna strijkvrij
zijn. Ze zijn bovendien antistatisch, kleurecht en stoten transpiratie af. Belangrijk is dat wol slecht ontvlambaar is.
Wol verkoolt slechts en verbrandt niet. Ze neigt wel naar pilling, maar dit kan door speciale behandeling vermeden
worden. Ook voelt wol zich soms kriebelig en minder aangenaam aan op de huid, maar dit laat zich eveneens door een
speciale behandeling verbeteren.
Tips voor onderhoud:
Textielproducten van wol dienen alleen met de hand of in de machine met een wolwasprogramma bij maximaal 30° graden met
een wolwasmiddel gewassen te worden. Uw kledingstuk blijft mooier als u het binnenstebuiten wast, niet wrijft of wringt.
Na het wassen grondig uitspoelen met koud water en vervolgens voorzichtig in een handdoek oprollen om zo een groot deel
van het overtollige water uit het kledingstuk te drukken.
Let op bij het drogen
Droog de wollen kledingstukken niet in de wasdroger, niet in de volle zon of op de verwarming, maar het liefst liggend op
een droogrek. Met een stoomstrijkijzer voldoet lichte druk bij het strijken, bij een gewone strijkijzer s.v.p. een
vochtige doek tussen ijzer en kleidingstuk, om ongewenste glansvlekken te voorkomen.
Conlusie:
Bijna geen andere vezel, of nu kunst- of natuurvezel, verenigt zoveel positieve eigenschappen als wol. Wol is erg
veelzijdig en kan tot alle textiele kleding verwerkt worden. Op grond van buitengewoon goede isolerende eigenschappen en
geringe ontvlambaarheid is wol erg geschikt voor isolerende- en brandwerende materialen. Bovendien wordt wol veel
gebruikt voor dekens, bekleding van meubels, tapijten, matrassen en werkkleding en is inzetbaar voor stoffering in voer-
en vliegtuigen. Ondanks de vele voordelen en positieve eigenschappen wordt wol veel minder gebruikt dan katoen en
kunstvezels. Dat ligt enerzijds aan het soms minder makkelijke onderhoud, anderzijds kan het kriebelig zijn en neigen
tot pilling.